Ik schrok me rot van de plannen van ons nieuwe kabinet voor WIA-gerechtigden. Allereerst omdat ik, 100% arbeidsongeschikt door mijn FNS en met een kleine WIA-uitkering, consequent wordt weggezet als een soort parasiet waar de hardwerkende Nederlander de dupe van is. Los van het feit dat ik keihard werk als vrijwilliger voor de patiëntenvereniging en ik een gezin heb, ben ik altijd een hardwerkende Nederlander geweest. Van de eerste bijbaan naast mijn studie tot fulltime docent en daarna fulltime hoofdredacteur. Ik heb jaren netjes de belasting betaald net als ieder ander. Maar wanneer je ziek wordt tel je niet meer mee, evenals al die jaren dat je actief bijdroeg aan de samenleving. Als chronisch zieke word je geframed als niet-hardwerkend en als duperend voor de rest van Nederland. En bedankt, Jetten.
Een ander stigma is levensgroot aanwezig in de formulering dat de WIA activerender moet worden. Wanneer ik de woorden ‘iemand moet geactiveerd worden’ hoor, denk ik meteen aan mijn veertienjarige puber die op zaterdagmiddag al uren onderuitgezakt youtube-shorts kijkt en na herhaaldelijk waarschuwen om half 2 toch eens gaat ontbijten. Wanneer ik die woorden in een zorg-context voorstel, zie ik mijn oma van 87 voor me, die na een dubbele heupoperatie eigenlijk helemaal geen zin meer had om intensieve fysiotherapie te moeten volgen om weer goed te kunnen lopen voor de korte tijd die ze nog had en de arts die zich afvroeg hoe hij mevrouw toch nog geactiveerd kreeg.
Wat ik niet zie bij die woorden is mezelf of elke andere lotgenoot met complexe FNS. Neem vandaag. Mijn ochtendvullende activiteit was douchen zodat ik na een middagslaapje met de rolstoel naar de buurtsuper kon. Als het me lukt om deze column te schrijven voor het bedtijd is, is mijn dag geslaagd maar ook maximaal gevuld. Dan is het hopen dat ik nog genoeg energie heb om voor het slapen gaan zelf mijn tanden te poetsen.
Maar ik ben wel één van de vele mensen over wie ons kabinet het hier heeft. En over mij praten ze alsof ik niet meer nodig heb dan een activerende schop onder mijn helemaal niet zo zieke kont. Alsof het mij simpelweg ontbreekt aan intrinsieke motivatie om effe snel te douchen en ik uit louter luiheid meerdere keren moet rusten.
Want activering heeft toch voornamelijk te maken met mindset. Als je iemand wilt activeren probeer je de mentale overtuiging te veranderen waardoor er een (uiteindelijk) intrisieke motivatie ontstaat om fysiek actief te worden. Een ieder die meent dat mensen in de WIA simpelweg een andere mindset nodig hebben, heeft geen idee wie ik ben of wie één van die 850.000 anderen is.
Ik spreek geregeld FNS-patiënten die dreigen in de WIA terecht te komen. Ik hoor dan vooral een groot verdriet. Het besef dat je zo ziek bent dat je je werk niet meer kunt doen voelt voor velen als een intens verlies en een persoonlijk falen. Falen naar jezelf, naar je gezin, naar je collega’s, naar de maatschappij. Jaren vol studie, trainingen, werkervaring, symposia en het opbouwen van een netwerk moet je uit je handen laten vallen. Het is niets meer waard. Jij bent niets meer waard. Want zo voelt het vaak.
Het is simpelweg schofferend te stellen dat alle langdurig zieken in de WIA gewoon geactiveerd moeten worden. Alsof we allemaal tieners zijn die een schop onder de kont nodig hebben om ook eens uit bed te komen. Het gebruik van het woord activerend is stuitend en geeft blijk van een compleet misvormd beeld van mensen die zo ziek zijn dat ze niet meer kunnen werken. Al denk ik dat onze beleidsmakers in Den Haag wellicht zelf niet eens een misvormd beeld hebben, maar ze zorgen ervoor dat door hun woordgebruik de gewone ‘hardwerkende’ Nederlander ons wel zo gaat zien om hun beleidskeuzes acceptabel te maken. Stigmatiseren, zeker in onze huidige samenleving, is zo makkelijk. En het wordt zo snel gedaan.
Het gaat er niet alleen om dat wederom de meest zwakken in de samenleving de prijs betalen, maar vooral om de manier waarop. We zijn blijkbaar een samenleving waar we anderen kleineren, stigmatiseren, om hartverscheurende, financiële keuzes te legitimeren. Het is geen samenleving waar ik me thuis voel.
Astrid Beckers
Voorzitter FNS patiëntenvereniging
